>

Medeoprichter Dura: ‘Het is nog steeds nodig de verduurzaming verder te ontwikkelen’ 

Job Dura, voorzitter van de Raad van Bestuur van bouwbedrijf Dura Vermeer, is vanaf het begin betrokken bij DGBC. Hij was mede-initiatiefnemer, founding partner en benaderde in het begin veel partijen om zich ook aan te sluiten bij de oprichting van de organisatie. “Het besef kwam dat gebouwen en hun omgeving een belangrijke bijdrage leveren aan de CO2-uitstoot. Het was onduidelijk hoe je moest verduurzamen en hoe je dat kon meten. Daar wilden we wat aan doen”, aldus Dura.  

Het begon met een bijeenkomst met onder meer ABN AMRO, Redevco en wat andere bedrijven op de Amsterdamse Zuidas. Dura: “We kenden elkaar niet goed, maar wel voldoende om bij elkaar te zitten. Vrij snel kwam Stefan van Uffelen als directeur erbij en Jaap Gillis als voorzitter. Redevco had al veel kennis waar we van konden profiteren en ik ben rond gaan bellen, want we hadden sponsoren nodig en mensen voor het bestuur.”  

BREEAM-NL 

Eerst is DGBC opgericht en daarna heeft de organisatie het van origine Britse keurmerk BREEAM naar Nederland gehaald. “Redevco zag een internationaal belang in relatie tot vastgoed voor één keurmerk. Dura Vermeer was al bezig met een concept voor het verduurzamen van kantoren. ABN AMRO ook”, schetst Dura. In het begin moesten de oprichters nog veel uitvinden en vertalen naar de Nederlandse situatie. Dat vroeg om afstemming en het vinden van BREEAM-NL Assessoren. 

Bovendien was het een risico om voor BREEAM te kiezen, herinnert Dura zich. “Je had in Amerika LEED en je had nog een aantal andere keurmerken, vaak gebaseerd op specifieke punten. BREEAM was in Europa al in gebruik en kent een breed aantal duurzaamheidscriteria en daarom kozen we daarvoor. Het was de eerste jaren spannend, maar toen investeerders om BREEAM-NL gingen vragen, wisten we dat we de juiste keuze hadden gemaakt.”  

Het toenmalige OVG, inmiddels EDGE Technologies, ging het keurmerk gebruiken en dat leverde een aantal goede voorbeelden op, ook op het gebied van duurzaam en circulair werken. Er waren destijds veel kennisbijeenkomsten en evenementen en met een paar jonge enthousiastelingen is het toen hard gegaan, maar dat kostte wel wat. “Niet alleen aan menskracht, maar ook meer geld dan begroot. Dat ging zitten in coördinatie van de certificering en het verifiëren waar je welke punten voor kreeg. Het bewustzijn was er toen nog niet om mensen mee te krijgen in een BREEAM-NL score Excellent, bijvoorbeeld. Er ging veel overtuigingskracht en energie in het proces zitten. Maar ook investeringen, omdat het voor het keurmerk soms beter was een andere duurdere locatie voor een gebouw te kiezen, vlakbij een openbaar vervoersknooppunt bijvoorbeeld”, zegt Dura. 

Kwaliteit houden 

Het idee achter DGBC was dat de organisatie zichzelf na een paar jaar kon opheffen in een duurzamere gebouwde omgeving. Dat is niet gebeurd. Dura ziet dat niet als mislukking: “Het is nog steeds nodig om de verduurzaming verder te ontwikkelen. Nieuwe mensen en nieuwe partijen komen erbij en het belangrijkste is dat we de kwaliteit hoog houden. Dit was ook een ambitie bij de oprichting. Daarvoor blijft controle op de BREEAM-NL Assessoren altijd nodig.”  

Het is wel de vraag hoe smal of hoe breed je dat moet nemen. “Hoe reduceer je CO2 tot de Net-Zero strategie, bijvoorbeeld?”, werpt hij op. Dura Vermeer heeft begin april 2023 een nieuwe duurzaamheidstrategie gepresenteerd met daarin de ambitie voor halvering van de CO2-uitstoot in 2030 op weg naar een Net-Zero uitstoot in 2050. Dat kan volgens de strategie onder andere door meer houtbouw, meer hergebruik van asfalt, beton, staal en andere bouwmaterialen. Ook met meer CO2-arm beton, het bouwen van meer energieneutrale woningen en de overstap naar emissievrij bouwmaterieel. 

Dura: “De meeste winst zit bij ons in de lange bouwketen, beton en staal, waarbij we vaker BREEAM-NL gaan toepassen. In de toekomst moeten we misschien ook wel projecten weigeren die veel energie kosten, zoals bijvoorbeeld datacenters. Daarnaast gaan we beter kijken naar hergebruik. Zo hebben we van een sluisdeur een onderdeel voor een spoorbrug gemaakt en dienen afgedankte windmolenwieken als geluidscherm.”  

Verdere verduurzaming 

Verduurzaming hangt ook samen met het selecteren van goede medewerkers. “Ze moeten begrip hebben voor verdere verduurzaming, kennis kunnen we wel bijbrengen als de grondhouding goed is. Waar we nu veel mee bezig zijn is veiligheid en daar duurzame keuzes in maken. Je moet verder investeren, ook als iets niet direct rendement oplevert”, aldus de bestuursvoorzitter. Als voorbeeld noemt hij hun Urban-Miner-hubs, verzamelplekken van materialen die dan in één keer met elektrisch vervoer naar de bouwplaats gaan. Of het innemen van gebruikte materialen om iets nieuws van te maken. “We verzamelen ook oud asfalt en halen bitumen uit daken om daar circulair asfalt van te maken.”  

De waarde van DGBC ziet hij nu vooral in de evenementen en kennissessies, waar veel van zijn medewerkers naartoe gaan. “Daar wissel je ook informeel kennis uit en voor ons is de keten als geheel ook belangrijk. Het is goed om een netwerk te hebben en bij vragen de juiste specialisten te vinden voor de antwoorden. Waar haal je elektrisch materieel vandaan en hoe bouw je bestaand materieel om, bijvoorbeeld. Daar heb je specifieke kennis voor nodig.” En dat werpt ook in cijfers zijn vruchten af: In 2022 investeerde Dura Vermeer meer dan zes miljoen euro in duurzaam materieel. 

Structuur en discipline 

Dat ziet hij nu, vijftien jaar na de oprichting, als een groot voordeel van DGBC. “Daarvoor hadden we in de bouw ook wel kleine samenwerkingsverbanden met collega's, leveranciers en bijvoorbeeld woningcorporaties. Maar toen is nooit gemeten wat de effecten zijn, laat staan gecertificeerd met cijfers en punten. Het mooie van dat wel doen, is dat je structuur krijgt en discipline om de certificaten te halen en te behouden.” 

Voor de toekomst ziet hij het ESG-beleid (Environmental, Social en Governance) als de drie belangrijkste aspecten voor het meten van duurzaamheid en daarmee een mooie paraplu voor de toekomst. “DGBC zou een rol kunnen nemen in de BCorp-certificering", stelt hij voor. Met die internationale certificering laat je als bedrijf zien dat je hoge standaarden hebt op het gebied van duurzaamheid, ethiek en transparantie om aan de ESG te voldoen. Hij ziet voor DGBC een mooie rol om met een goed keurmerk eerlijk, duidelijk en eenduidig te kunnen zijn. “Ik zou meer tijd willen hebben voor de organisatie, maar het is ook mooi om te zien hoe de nieuwe generatie het oppakt”, besluit de trotse medeoprichter. 

Reeks interviews met founding partners van DGBC

Dit artikel is een aflevering in de serie interviews met de founding partners van DGBC. DGBC bestaat dit jaar vijftien jaar en met de oprichters van toen, die na vijftien jaar nog steeds partner zijn, kijken we terug op de oprichting, naar de ontwikkelingen die zijn doorgemaakt en werpen we een blik op de toekomst.

DGBC-partners

Dura Vermeer

SDG's

Logo voor Duurzame steden en gemeenschappenDuurzame steden en gemeenschappen

Gerelateerd

Eerste partijen nemen WEii-certificaten in ontvangst

Eerste partijen nemen WEii-certificaten in ontvangst

114 ondertekenaars voor het Paris Proof Commitment

114 ondertekenaars voor het Paris Proof Commitment

Founding partner SGS Search over toekomst DGBC: ‘Een onmisbaar kennisinstituut’

Founding partner SGS Search over toekomst DGBC: ‘Een onmisbaar kennisinstituut’