Eenduidige data voor energietransitie gelanceerd

Het CBS heeft twee dashboards over energieverbruik gelanceerd: van onderwijsgebouwen en retailvastgoed. Deze dashboards zijn onderdeel van het programma Verbetering Informatie-Voorziening EnergieTransitie (VIVET), dat in 2019 startte. Verschillende organisaties werken daarin samen aan eenduidige data voor de energietransitie. 

Martin Mooij van DGBC is blij met de dashboards: "Deze informatie is zeer belangrijk voor de sectoren om te kunnen verduurzamen. Het geeft een nulmeting wat op dit moment de stand van zaken is." Om de energietransitie van fossiele brandstoffen naar duurzame energie vorm te geven is veel gedetailleerde informatie nodig over energieverbruik. Het VIVET-programma heeft als doel de hiaten in de bestaande informatiesystemen op te vullen.

Drie jaar

De looptijd van het VIVET-project is vooralsnog drie jaar. "Inmiddels hebben we de eerste resultaten opgeleverd, waaronder dashboards over het energieverbruik van onderwijs- en retail gebouwen", zegt Krista Keller. Zij is VIVET-projectleider van het CBS. "De data zijn de kern van het project; die kunnen onder bepaalde voorwaarden door andere onderzoekers gebruikt worden." De dashboards maken de data voor verschillende gebruikers makkelijk toegankelijk. Eerder ontwikkelde het CBS ook een dashboard langdurige zorg. "De energietransitie verandert de vraag naar data; er is vooral behoefte aan informatie over energieverbruik in de utiliteitsbouw en op laag regionaal niveau", vertelt Annemiek Kremer, senior onderzoeker energiestatistieken van het CBS. "Dat is erg complex om in kaart te brengen. In de Basisadministratie Adressen en Gebouwen - waar alle gebouwen in Nederland in vermeld staan - kunnen we specifieke functies zoals winkels, scholen en zorginstellingen niet onderscheiden. Samenwerking met de sectoren is dus essentieel om aanvullende databronnen en de juiste afbakening van de populatie te vinden."

DGBC nauw betrokken

De ministeries van Economische Zaken en Klimaat (EZK) en Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) gaven opdracht voor VIVET. Verschillende partijen bundelen daarin de krachten: het CBS, het Kadaster, het Planbureau voor de Leefomgeving, Rijkswaterstaat en de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland. Ook andere maatschappelijke organisaties zoals Dutch Green Building Council zijn nauw betrokken.

DGBC content met VIVET

Martin Mooij is content het VIVET-project. Volgens hem helpt het partijen die willen verduurzamen: "Ook kunnen ondernemers, beleggers en instellingen zichzelf benchmarken: hoe doen zij het ten opzichte van anderen in hun sector die eenzelfde soort panden hebben? Een bakker kan bijvoorbeeld zelf zijn energieverbruik vergelijken met het gemiddelde energieverbruik van andere bakkers met een vergelijkbaar gebouw in Nederland."

DGBC kijkt naar een slimme totaalaanpak voor de verschillende sectoren om de doelen in het klimaatakkoord te halen. Mooij: "Het meten van energieverbruik is daarvoor de eerste stap. Vervolgens gaan we de dashboards en data onder de aandacht brengen bij ondernemers en instanties, onder andere via gemeenten en brancheorganisaties. De sectoren kunnen met de dashboards hun vooruitgang in energiebesparing monitoren. Gemeenten kunnen de data gebruiken bij hun plannen om van het gas af te gaan. Het doel is toe te werken naar concrete adviezen voor specifieke type panden en gebruik. In de werkgroepen van de DGBC zijn dus ook de bouw en de banken vertegenwoordigd. Ook werken we aan routekaarten voor de verschillende sectoren, waaronder de retail: hoeveel winkels en met welk oppervlak verwachten we in de toekomst? En vooral: wat moet er gebeuren om het energieverbruik omlaag te brengen? Om Paris proof te worden streven we naar twee-derde besparing van het energieverbruik."


Gerelateerd

Meer aandacht voor toxiciteit essentieel in transitie naar circulaire bouweconomie

Meer aandacht voor toxiciteit essentieel in transitie naar circulaire bouweconomie

‘We bouwen nu hét probleem van de toekomst’

‘We bouwen nu hét probleem van de toekomst’

‘Behoefte aan eenduidig framework voor klimaatadaptieve gebouwen’

‘Behoefte aan eenduidig framework voor klimaatadaptieve gebouwen’